|
Het idee tot het oprichten van onze schaatsclub ontstond ten tijde van de Elfstedentocht in 1985. De vruchtbare bodem voor het idee was er al veel eerder. Want in 1908 werd de federatie waar onze schaatsclub toe behoort opgericht. Deze oerclub heette Amsterdamse Jonge Mannen Vereeniging AJMV. Tien jaar later, in 1918, fuseerde de verenigde jonge mannen met Excelsior.
De nieuwe naam werd Amsterdamse Maatschappij voor Jongemannen. De letters kwamen daarmee in de volgorde die ons zo vertrouwd is: AMVJ. In 1932 mochten voor het eerst vrouwen een balletje meeslaan in de tennisclub van AMVJ. Van het een kwam het ander, maar wel in zijn eigen tempo. Want het heeft tot na de oorlog geduurd tot de vrouwelijke infiltratie zich ook voorzichtig in de naam manifesteerde.
Waar eerst de doelgroep werd afgebakend door 'Jongemannen' in de naam, daar prijkte nu het veel ruimere begrip 'Jongeren'. Bijgevolg stond AMVJ voortaan voor Algemene Maatschappij voor Jongeren. Dat is tot op de dag van vandaag zo gebleven. Morgen zal het niet anders zijn.
De vereniging richtte zich van meet af aan op sociaal maatschappelijke en culturele ontplooiing van jongeren. Sporten werd daarbij terecht als onontbeerlijk gezien. Met zo’n twintig sportieve disciplines stak AMVJ de Olympisch Spelen bijna naar de kroon. Het mag opmerkelijk heten dat er ondermeer een schaatsafdeling was opgericht; we schrijven 1923!
Als hoofdzetel, centraal ontmoetingspunt en uitvalsbasis was het AMVJ-gebouw aan het Leidsebosje bekend, of beter nog: beroemd. Zo haalde menig Amsterdammer zijn zwemdiploma’s in het inpandige AMVJ-zwembad. Dat waren deels dezelfde mensen die in het grote AMVJ-gebouw of later in de dependance Famos in de Vondelstraat kennis maakten met theater- en muziekuitvoeringen.
In de jaren tachtig werd het onroerend goed verkocht. De baten werden - en worden nog steeds - via het AMVJ-fonds ingezet om theaters en welzijns- en jongerenorganisaties te helpen. In totaal kan het fonds elk jaar ongeveer honderdduizend euro ter beschikking stellen. Daarnaast zag in 1981 de AMVJ-sportfederatie het licht. Deze verschafte de basis en de middelen voor het voortbestaan en de oprichting van diverse sportverenigingen in wier naam de letters AMVJ nog steeds de band met het verleden duidelijk maken.
De afzonderlijke clubs zijn volkomen autonoom. Toch hebben de besturen van de onderscheidene clubs op gezette tijden in een sfeer van samenwerking overleg met de federatie en met elkaar… al zou het alleen maar zijn om de jaarlijkse omni-sportdag te organiseren.
Op 10 oktober 1986 werd voor de tweede keer in het bestaan van AMVJ een schaatsclub opgericht; ónze club. |